Zee(zoog)dieren groot en klein

 
image
 
Robert Wyatt
Rock bottom
1974

 

Internetboodschap in verband met de artiest die op 50 is beland: ‘Kunden, die Titel von Henryk Mikolaj Górecki (1933-2010) gekauft haben, haben auch Titel von diesen Künstlern gekauft: Castelnuovo-Tedesco, Mario (1895-1968), Lopes-Graca, Fernando (1908-1993), Schwarz-Schilling, Reinhard (1904-1985), Maxwell Davies, Peter (geb. 1934).’ Kan evengoed een grap zijn, want nooit, maar dan ook nooit von diesen Künstlern gehört. Van ene Wyatt, Robert (geb. 1945) daarentegen! Hij staat op 49 met zijn tweede soloplaat ‘Rock bottom’.

Bizarro mundo, dit plaatje!

Ik moet altijd opnieuw denken aan de kleurenblinde kunstenaar uit Oliver Sacks’ boek ‘An anthropologist on Mars’. Een abstract schilder gespecialiseerd in kleuren (een man die kleuren natuurlijk ook tot in de kleinste details kan ordenen) wordt na een auto-ongeval zo kleurenblind dat hij de hele wereld in zwart-wit ziet. Op zich al een zeer zeldzame aandoening, maar meestal heb je ze van bij geboorte; ’t is ook geen netvlies- maar een hersenkwestie. Dat deze plotse verandering een met kleuren jonglerende professional moet overkomen is van een verbijsterende toevalligheid. Na een zeer moeilijke periode – op een dag ziet de kunstenaar een gitzwarte zon opkomen, de fruitschaal die hij maakt om te laten zien hoe hij fruit ziet wil je niet eens bekijken, de man walgt als hij in de spiegel kijkt, ziet ook andere mensen als – jawel – ratkleurig, en gaat alleen ’s nachts de wereld in omdat hij daar alles veel beter ziet – na dié hel vindt hij uiteindelijk een schilderstijl die hem meer voldoening geeft dan ooit tevoren, én meer succes. Als een specialist hem vertelt dat het theoretisch mogelijk is om hem zijn kleurenzicht terug te geven, en of hij zou overwegen om… krijgt hij zijn zin niet afgemaakt, want de schilder zegt: ‘No way!’
 
image
 
Wat dat met the making of van ‘Rock bottom’ te maken heeft? Iets! Robert Wyatt valt op een feest van drie hoog uit een badkamerraam en raakt tot zijn midden verlamd, and hits rock bottom! Schetsen van songs zijn al af, maar hij droomt ze tot een veel completere wereld bijeen in het ziekenhuis, periode die door de man als ‘rustig en productief’ wordt omschreven. Hij heeft tijd nu. Hij was zanger en drummer, maar die combinatie zal nooit meer lukken. Zingen van achter keyboards wél. Wyatts neurologische en psychologische machinerie blaken in 1974 ondertussen van gezondheid en maken ‘Rock bottom’ tot de meest coherente plaat uit zijn carrière.

De zanger begint opener ‘Sea song’ met: ‘Je ziet er elke keer anders uit als je uit die schuimgekuifde zoute brij komt’. Hij ziet zijn speelkameraad de zee ’s nachts graag, als ze gedronken heeft en deels vis, deels bruinvis is; hij moet zelfs aan een babypotvis denken. Haar huid weerkaatst zachtjes in het maanlicht, haar waanzin past als gegoten bij die van hem. Maar ’s morgens, als het weer tijd wordt om even mens te worden, is ze veranderd en verstaat hij haar niet meer. Daarboven een keyboardcontinuum dat weerwerk krijgt van ingetogen percussie en niet al te opdringerig pianogehamer: ‘You’ll be different in the spring, I know / You’re a seasonal beast / like the starfish that drift in with the tide’. Van hier af zingt Wyatt in afbrokkelende lettergrepen, zoals andere jazzcats een saxofoon kort knippen; alsof hij een wahwahpedaal in zijn mond heeft mag ook.
 

 

Aan het begin van song 2 een woonkamer waarin zeewier is aangespoeld, aan het eind een piano die ongemerkt verdwijnt, zoals een vloedlijn zich terugtrekt.

In ‘Little red riding hood hit the road’ vindt een zeer onrustige trompet ternauwernood aansluiting bij de melodie. Die wónderlijke Wyattstem, ook: ‘Oh dear me, heavens above, what in heaven’s name, oh blimey’. Wat de korte beschouwing van ene Ivor Cutler hier doet – ’t gaat over een egel die aan de kant van de weg de hele dag autobanden doet springen, heavens above en oh blimey nog aan toe: geen flauw idee. Waarom Roodkapje erbij betrokken wordt evenmin. En worden hier nu opnamebanden achteruitgespoeld, of heeft Wyatt echt zo’n free jazzstem? De song eindigt op z’n space odyssey’s.
 

 

Het mooiste liedje is ‘Alifib’. Voor zijn vrouw die de hoezen maakt en de yogithee zet. ‘Not nit not nit no not / Nit nit folly bololey / Alifi my larder’ wordt gedragen door zeer vrije maar zeer melancholische klanken. Ik denk dat ‘larder’ iets tussen ‘lover’ en een stuk spek is. Koosnaampjes van dieren en een minibelediging tussen de complimenten: neigt allemaal naar vaste relatiehumor. Ook ‘I can’t forsake you or forsqueak you’ is om te lachen, maar dan in de bloedgroep Lewis Carroll. Heel ‘Rock bottom’ krioelt trouwens van de dieren groot en klein, maar Burlybunch, The Water Mole, Hellyplop and Fingerhole uit ‘Alifib’ staan niet allemaal in de dierenencyclopedie. Instrumenten (‘Pip, pip, pip’) en tekst (‘Pip pippy pippy pip pip’) denken in dezelfde richting: één die via saaie, volstrekt begrijpelijke feitenrelazen en rechtlijnigheid nergens de liefde in de weg zal staan.
 

 

 

Song 5 heet ‘Alife’ en is een donkere lachspiegel van ‘Alifib’. Gary Windo doet eerst een basklarinet als kleine knaagdiertjes klinken, en daarna een tenorsax op ganzen lijken die op zeer spectaculaire wijze kwaad worden. Waarna ‘Alifib’ of ‘Alife’ – of hoe de eeuwige verloofde ook heet – mag antwoorden: ‘I’m not your larder / I’m Alife your guarder’. De waanzin van Alife (eigenlijk Wyatts vrouw Alfreda Benge) past inderdaad, net als die van de zee, wondermooi bij die van Wyatt.
 

 

Maar was de vraag niet wat dat verhaal over die kleurenblind geworden schilder met een verlamd geraakte drummer te maken heeft? Het publiek vond de in zwart-wit gemaakte kunstwerken beter dan de werken van de kleurenschilder, en ik vind de Wyatt van na de groep Soft Machine en het ongeval veel, veel beter dan die van ervoor; ik ben niet de enige.

Kan ook verder doen nadenken over de plek waar een kunstenaar een gebrek, een gemis of een halve ramp tot een voordeel en een Copernicaanse kans kan draaien, wellicht omdat hij al meer weerstand en focus heeft opgebouwd dan de meesten van ons. Al is dat zeer relatief, en kunnen ook wij, gewone stervelingen, tegen een weerbots.

Een sterke, toegewijde liefde in de buurt is daarbij altijd goed: in het geval van Wyatt is dat zijn vrouw die beroepshalve kinderboeken en platenhoezen tekent en schildert. Voor ‘Rock bottom’ maakte ze twee covers, één in 1974, één bij een reissue van 1998. Die van ’74 speelt zich half boven en half onder water af en is in zwart-wit; voor mij veruit de mooiste.

 
image
 
image
 
image
 
image
 
image
 
image
 

 

One thought on “Zee(zoog)dieren groot en klein

  1. Ik zal wel een muzieksnob zijn, maar ik ken Castelnuovo-Tedesco wel: hij stond op de B-kant van een LP met gitaarmuziek (Concierto de Aranjuez), een van de pakweg zes klassieke platen die we thuis hadden. Het is natuurlijk ook een naam als een klok, al kun je er moeilijk een werkwoord van maken à la ‘wyatten’.
    Bedankt overigens voor de prachtige rondleiding door de wereld van Wyatt. Ik meende hem al goed te kennen – had ik al verteld dat ik een muzieksnob ben? – maar ik snorkelde maar wat aan de oppervlakte.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s