Witvlakken en weggegomde lettergrepen

 
image
 
Yabby You
Jesus Dread (1972-1977)
1972-1977

 

Van reggae naar dubreggae. Van dubreggae terug naar reggae. Verloren lopen in dat oneindige tussenland is onvermijdelijk.

Komt daarbij: ik ken niet vanaf seconde 3 al mijn Congos uit mijn Abyssinians (en m’n Soul Syndicates nog minder uit m’n Studio One dj’s), maar ik weet wel: dé must is de ‘Arkology’-verzamelaar van Lee Scratch Perry.

Laten we eerst een halve minuut doorheen de Spotifyplaylist van Lee Scratch Perry scrollen en veelzeggende songtitels sprokkelen. Super Ape. Excaliburman. ExPerryments (sic) In The Black Ark. The Upsetter. Panic In A Babylon. Judgement In A Babylon. Secret Laboratory. Ape-ology. Bionic Rats. Free Up The Prisoners. Free Up The Weed. I am a psychiatrist. I Am A Madman. Wat die laatste song betreft: het spreekt voor zich dat de Madman Dubwise-remix nóg beter is.

Terug naar Lee Scratch Perry’s ‘Arkology’-driedubbelaar. Hoe daarop de theorie wordt geïllustreerd van dat enorm hete punt waaruit het dubheelal big banggewijs is ontstaan!

Hoe Perry the upsetter, of the shepherd, of the organiser heel gemeen eerst kleine woorden weggomt, en er dan nóg een lettergreep uithaalt: ‘Onward, forward, don’t step backward… Onward forward… On… O… Yeah…’

In de grumblin’ dub van ‘Police and thieves’ bijvoorbeeld blijft alleen ‘Pol-olol…………………….Oh yeah… Poli…………….. Oh yeah’ over. Het geheugen puzzelt de rest soms bij, soms niet. Ook in de muziek zitten witvlakken: een komen en gaan van maximaal vier sporen klank, maar wat een toverbol!
 

 

Ik, hier voor de goede orde gewoon een ik zoals alle andere ikken, vind Yabby You de beste van de reggaeklas, en zet You’s héél gevarieerde ‘Jesus Dread 1972-1977’-verzamelaar op 32.
 
image
 
Een controversiële voorkeur kan je Yabby You op het eerste gezicht niet noemen, want in reggaeland doet iedereen het met iedereen: King Tubby en Tommy McCook zijn op ‘Jesus Dread’ de vier meesterhanden, en Lee Scratch Perry en Augustus Pablo komen een keer langs.

Dat van die grote variatie is nergens overdreven. ‘Conquering lion’ en ‘God is watching you’ zijn welwillender dan het nogal dreigende ‘Jah Vengeance’. ‘Warn the nation’ is van het niveau van het beste van Bob Marley; de ‘Honey dub’ ervan is briljante tekstboekdub.

Bij song 14 van de 40 aangekomen weet ik: er kan nog een orgel, een saxofoon, een trompet of een trombone langskomen, die even later mogelijk in een dubgat verdwijnen. Er komt nog muziek die heel hard op die van The Congos lijkt, én muziek die daar niks mee te maken heeft. Dillinger en Trinity toasten alsof hun leven ervan af hangt. Waarna de storm opnieuw gaat liggen, en er een deuntje bij is waarmee Sesamstraat zou kunnen beginnen.

Ter hoogte van nummer 106 in ‘Honderd’ (Augustus Pablo’s ‘King Tubby Meets Rockers Uptown’) opperde ik: ‘Reggaeteksten = oud testament + een Messias die niet aan het kruis stierf.’

Yabby You heet Vivian Jackson en is de uitzondering op de rastaregel. Zijn tweede bijnaam: Jesus Dread. De man is een christenrasta. Ik geloof sowieso geen snars van al dat ge-Rastafari, en natuurlijk sta ik even skepptisch tegenover een rasta die in de zoon van de timmerman gelooft. En hoe! Jackson had zelf een vader die timmerman was. Op z’n 12e (!) verliet hij zelfs het ouderlijke huis in een getto van Kingston om een discussie op te starten met de plaatselijke schriftgeleerden (‘Me hold on to my opinion, an’ dem hold on to dem opinion, till it become boring’).

Jackson maakte een storm mee die hem engelen stuurde die zongen: ‘Be You .. Yabby, Yabby You’. Hij veranderde van naam, en lulde zich een studio in. De enige zekerheid die wij vandaag hebben: een uitstekend refrein viel toen uit de lucht.

Ik geniet in rastaland van het Yabby Youvoordeel van de verandering: bij hem niet om de drie regels ‘Haile Selassie, een keizer ja dat was-ie’. Integendeel, in ‘Walls of Jerusalem’ gaat het echt over Jezus van Nazareth: ‘Upon that hill, they crucified our God’. Maar niet altijd: Marcus Garvey, de voorspeller van de messias Selassie, krijgt ook op deze plaat zijn standbeeld. You en z’n posse hebben het niet de hele tijd over Babylon, maar omdat het christendom het Oud Testament niet heeft weggegooid zit ook bij hen tussen kick en snare de belofte om dat Bijbelse oord van ballingschap te ontvluchten, mogelijk zelfs te vernietigen.

Als ik goed kan volgen zeggen sommige rasta’s: Jezus en Haile, één strijd. Anderen beweren dat het twee verschillende geloofsopvattingen zijn. En de rest gaat naar Reggae Geel voor het bier.

Ik schrap in mijn hoofd al de ‘Conquering lion’-teksten over de 72 verschillende naties die buigen voor de glorie van Jah. Het zal mij worst wezen wie de Koning der Koningen en de Heer der Heren en de overwinnende Leeuw van Juda zijn, dus die lyrics schilder ik ook weg.

Ik hou een ge-wel-dig ritme over waarboven de in 2010 overleden Vivian Jackson, hier op zijn eerste single geholpen door King Tubby en met aan zijn zijde bassist Aston ‘Family Man’ Barrett, drummer Leroy ‘Horsemouth’ Wallace en gitarist Earl ‘Chinna’ Smith, komt zingen: ‘Be You .. Yabby, Yabby You … La la la la la, la la la la la…’.
 

 

Ik neem een koud biertje uit de koelkast. Buiten is het aanzienlijk fris. Doet me eraan denken: voor de nummers 31, 30, 29 en 28 zal ik sjaal, muts en handschoenen nodig hebben. Eén enkele keer omdat het kwik serieus onder nul duikt en er geen kruimel brood meer in huis is, in de drie andere gevallen omdat de artiesten de duistere diamant hebben gekregen.

Dus! Nog even in de laatste avondzon van mijn allerfavorietste dubtrack gaan staan, één uit de ‘Hoera geen tekst’-categorie: